Tijdschrift voor Financieel Recht 2005 nr. 6

Panhuijzen / Dexia Bank

mr. F.R.H. van der Leeuw en mr. A.R. Filius

De rechtbank had onder meer geoordeeld dat ontbinding van de overeenkomst tussen Panhuijzen als cliëntenremisier en Dexia Bank gerechtvaardigd was wegens wanprestatie van Panhuijzen. Volgens de rechtbank had Panhuijzen haar onderzoeksplicht verzaakt ten aanzien van 17 van de 52 door haar aangebrachte contractanten, die geen vaste woon- of verblijfplaats bleken te hebben. Panhuijzen keerde zich onder meer tegen dit oordeel van de rechtbank. Het Hof onderzocht waarop het verwijt van wanprestatie was gegrond nu niet ten

Artikel kopen € 79,00 excl. BTW

In plaats van abonneren kunt u dit artikel ook afzonderlijk kopen.

processe was gebleken dat de bank een uitdrukkelijke opdracht aan Panhuijzen had gegeven voor het doen van een onderzoek naar de geschiktheid van de door haar aan te brengen contractanten. Volgens het Hof was niet gesteld of gebleken dat Panhuijzen als cliëntenremisier stond ingeschreven. Het Hof stelde vast dat het contract waarbij de bank Panhuijzen aanstelde als cliëntenremisier bepaalde dat Panhuijzen bij haar bemiddelingswerkzaamheden ten behoeve van de bank de zorgvuldigheid in acht diende te nemen 'die een adviseur betaamt'. Het Hof oordeelde dat mede gezien het wettelijk verbod om als cliëntenremisier werkzaam te zijn zonder vergunning of zonder te voldoen aan de vereisten voor vrijstelling van de vergunningplicht, voor de invulling van die contractuele zorgvuldigheidsnorm enige betekenis kon worden toegekend aan de publiekrechtelijke verplichting van vrijgestelde cliëntenremisiers om in het belang van haar cliënten kennis te nemen van hun financiële positie, ervaring en beleggingsdoelstellingen. Tevens merkte het Hof op dat Panhuijzen per aangebracht contract een provisie van gemiddeld circa ƒ 9.000,- ontving zonder terugbetalingsverplichting ingeval van voortijdige beëindiging van zulk een (twintigjarig) contract. Volgens het Hof lag het in de rede dat de daartegenover staande verplichting van Panhuijzen meer diende te omvatten dan het inleveren van contracten voorzien van namen en handtekeningen van personen zonder vaste woon- of verblijfplaats. Het Hof oordeelde dat de wanprestatie van Panhuijzen voldoende was komen vast te staan. Panhuijzen diende volgens het Hof de ontvangen provisie terug te betalen op grond van de ongedaanmakingsverbintenis krachtens 6:271 BW.

U heeft op dit moment geen toegang tot de volledige inhoud van dit product. U kunt alleen de inleiding en hoofdstukindeling lezen.

Wanneer u volledige toegang wenst tot alle informatie kunt u zich abonneren of inloggen als abonnee.


Deel deze pagina:

Nog niet beoordeeld

Bijlage(n)

  • Bijlagen zijn alleen beschikbaar voor abonnees.

Artikel informatie

Type
Jurisprudentie
Organisatie
Gerechtshof Amsterdam
Auteurs
mr. F.R.H. van der Leeuw en mr. A.R. Filius
Auteursvermelding
Ik ben auteur van dit artikel
Onderwerp
Cliëntenremisier; wanprestatie
Bron
JOR 2005/90
Datum artikel
Uniek Den Hollander publicatienummer
UDH:FR/136

Verder in 2005 nr.6

 Wetsvoorstel Deel 2 Prudentieel Toezicht Wet op het financieel toezicht (II); Permanent toezicht op financiële ondernemingen

In het tweede deel1 van dit artikel over het wetsvoorstel Deel 2 Prudentieel Toezicht van de wet houdende 'Regels met betrekking tot de financiële markten en het toezicht daarop (Wet op het fina...

 Implementatie van de prospectusrichtlijn: Wijzigingen van Wte 1995 en Bte 1995 (1)

Eindsprint naar 1 juli 2005. Onderwerp van dit artikel vormen de wijzigingen van de Wet toezicht effectenverkeer 1995 (Wte 1995) en het Besluit toezicht effectenverkeer 1995 (Bte 1995) ter imple...

 'Veel verantwoordelijkheden betekent veel verantwoorden'; De verantwoordingsstructuur van de Autoriteit Financiële Markten (AFM)

De Autoriteit Financiële Markten (AFM) is een snel groeiende organisatie, zowel wat betreft het aantal taken en verantwoordelijkheden als het aantal medewerkers. In 2002, het jaar waarin effecte...

 Verscherpt integriteittoezicht in de financiële sector; Verscherpt integriteittoezicht door samenwerking met opsporings- en inlichtingendiensten

De financiële toezichtwetgeving is aan verandering onderhevig. Dat heeft enerzijds te maken met de gewijzigde institutionele vormgeving van het financiële toezicht dat werd ingeluid met de Nota ...

 De jaarverslagen 2004 van de Autoriteit Financiële Markten en De Nederlandsche Bank

Op 27 april 2005 presenteerde de Stichting Autoriteit Financiële Markten ('AFM') haar jaarverslag over 2004. Een maand later, op 26 mei 2005, volgde De Nederlandsche Bank N.V. ('DNB') met een ja...