Tijdschrift voor Financieel Recht

2019 nr. 12

Inleiding

Streng, strenger, strengst

prof. dr. E.P.M. Joosen

DNB is een strenge toezichthouder. Dat is altijd zo geweest. Er kan verschillend gedacht worden over de mate waarin de Nederlandse samenleving daar de vruchten van heeft geplukt. Op die vraag wordt hier niet ingegaan. Het gaat er in dit voorwoord om in hoeverre DNB bij de strenge toepassing en handhaving van de regelgeving wel oog heeft voor het bewaken van het level playing field, en dan vooral voor de Nederlandse banken. Het gaat ook om het vooruitlopen op toekomstige regels waardoor banken eerder zijn blootgesteld aan nieuwe regels dan in landen om ons heen en de verhoudingen binnen h... ...lees meer

Artikel

Gewenste duidelijkheid in het Europese kader voor grensoverschrijdende distri...

mr. E. Kempenaar en mr. L.S. Engelen1

In maart 2018 publiceerde de Europese Commissie, als onderdeel van een meeromvattend pakket maatregelen ter verdieping van de kapitaalmarktunie, voorstellen voor een richtlijn en verordening die beogen de grensoverschrijdende distributie van collectieve beleggingsfondsen te faciliteren.[2] Voornoemde Richtlijn[3] en Verordening[4] zijn inmiddels, per 1 augustus 2019, in werking getreden en zullen (grotendeels) per 2 augustus 2021 van kracht worden.[5] In dit artikel wordt ingegaan op de achtergrond van de Richtlijn en Verordening en de belangrijkste wijziginge... abonneren of dit artikel kopen.

Kwalificatie van crypto-assets als effect

mr. M.A.R. Nannings1

De juridische kwalificatie van crypto-assets is niet zonder meer duidelijk doordat zij diverse verschijningsvormen aannemen. Dit artikel gaat in op de vraag wanneer crypto-assets zijn aan te merken als effecten in de zin van MiFID II. Daartoe wordt onder meer ingegaan op de soorten crypto-assets en de reikwijdte van het effectenbegrip. abonneren of dit artikel kopen.

De seniorenhypotheek: juridische aandachtspunten

L. Honée en prof. mr. W. van Boom1

Bij de ‘seniorenhypotheek’ wordt een bedrag geleend op basis van de (over)waarde van de woning. Deze hypotheekvorm kan bijvoorbeeld interessant zijn voor huishoudens die de waarde van hun huis willen omzetten in besteedbaar inkomen. In Nederland is de markt voor dit product nog niet sterk ontwikkeld. Vergelijkbare producten zijn wel al gemeengoed in het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten. In dit artikel bespreken we de in het buitenland opgedane ervaringen en de aandachtspunten voor de regulering van dit product in Nederland. abonneren of dit artikel kopen.

Rondom het Nieuws - Ervaringen met kostentransparantie en provisies onder MiF...

mr. R.E. Labeur1

Op 3 januari 2020 is het alweer twee jaar geleden dat marktpartijen en toezichthouders voor het eerst aan de nieuwe regels van MiFID II[2] moesten voldoen. Dat betekent dat het in de systematiek van de richtlijn begin komend jaar tijd wordt voor de Europese Commissie om diverse rapporten uit te brengen over de werking van de richtlijn. Eén van die rapporten zal gaan over de werking van de nieuwe regels voor provisietransparantie, en over kostentransparantie in bredere zin. Ter voorbereiding daarop heeft de markt zich inmiddels over haar ervaringen mogen uitlaten. Die blijken over het alg... abonneren of dit artikel kopen.

Actualia

Nieuws

mr. M.P.G. van Eijck van Heslinga, mr. A.A. Pasaribu, mr. P.W. Post, mr. M.C.J. Reuling, mr. T.A. Waterbolk

Wet- en regelgeving nationaalMinisterie van FinanciënPublicatie wetten, besluiten en regelingen in het Staatsblad / de Staatscourant:Op 3 oktober 2019 is het Besluit tot wijziging van het Uitvoeringsbesluit Wwft 2018 in verband met het vervallen van de objectieve indicator derde-hoogrisicolanden in het Staatsblad gepubliceerd (Stb. 2019, 310). In de Bijlage Indicatorenlijst bij het Uitvoeringsbesluit Wwft 2018 zijn indicatoren opgenomen op basis waarvan transacties als ongebruikelijk moeten worden aangemerkt. H... abonneren of dit artikel kopen.

Jurisprudentieoverzicht

Jurisprudentie

mr. M. Flipse, mr. H.J.R. Stoter, mr. S.E.P. Uijldert, mr. P.C. Russcher, mr. M.S. Veenhuizen, mr. E. Kempenaar, mr. M.H.C. Thomassen, mr. T.B. Klerks en mr. N. Dekker[1] College van Beroep voor het Bedrijfsleven 15 oktober 2019 ECLI:NL:CBB:2019:498 Appellante / Stichting Autoriteit Financiële Markten (‘AFM’) Inzake: afwijzing aanvraag vergunning op grond van art. 2:65 Wft; betrouwbaarheid en geschiktheid beleidsbepalers - CR Appellante heeft op 16 oktober 2013 een vergunning voor het b... abonneren of dit artikel kopen.

Deel deze pagina:
RSS