Vastgoedcontracten 2020

Huurovereenkomst (dak-)ruimte voor de plaatsing van zend- en ontvangstapparatuur

Sonja van der Kamp Bij ieder contract is een uitgebreide toelichting gevoegd. Hieronder treft u de eerste alinea van de toelichting aan. Wanneer u het contract koopt ontvangt u daarbij uiteraard ook de toelichting. Indien u een abonnement neemt heeft u onbeperkt toegang tot alle contracten en toelichtingen daarop.

Deze modelovereenkomst is bedoeld voor de verhuur van dakruimte ten behoeve van zend- en ontvangstapparatuur voor draadloze netwerken en gaat uit van professionele partijen (geen natuurlijke personen). In het model wordt steeds gesproken over netwerken voor mobiele communicatie, maar het kan ook dienst doen als model voor overige netwerken, zoals omroepnetwerken.Uitgangspunt van dit model is dat de regels voor de verhuur van 230a-ruimte van toepassing zijn. Hiervan kan sprake zijn indien de zend- en ontvangstapparatuur geplaatst

Vastgoedcontract kopen € 150,00 excl. BTW

In plaats van abonneren kunt u dit vastgoedcontract ook afzonderlijk kopen.

wordt op, in of aan een gedeelte van een gebouwde onroerende zaak. Of dit 230a-regime van toepassing is, is echter nog niet helemaal uitgekristalliseerd zie Rechtbank Amsterdam 17 maart 2015 (WR 2015/150): de Rb oordeelde dat een huurder van een deel van een dak geen ontruimingsbescherming genoot. De rechtbank bepaalde dat niet geoordeeld kon worden dat de huurder een gedeelte van een gebouwde onroerende zaak huurde, nu de huurder slechts een (niet concreet/ specifiek benoemd) deel van het dak gebruikte ten behoeve van een mast en schotel, en enkele kastjes met apparatuur op de begane grond. De installatie was in het geheel van de buitenkant te bereiken en het gebruik van het gebouw als gebouw was voor de huurder volledig irrelevant. Volgens de rechtbank kon daarom niet gesproken worden van de huur van een gebouwde onroerende zaak in de zin van artikel 7:230a BW. Een gebouwde onroerende zaak is een gebouw of een gedeelte daarvan, indien dit gedeelte een zelfstandige bedrijfsruimte vormt, een en ander met zijn normale onroerende aanhorigheden. Blijkens deze definitie was het de gedachte van de wetgever om bescherming te bieden aan de huurder van een zelfstandige bedrijfsruimte en daar was geen sprake van, aldus de rechtbank. Op deze uitspraak is in de literatuur het nodige commentaar geleverd.Dit zou dus in kunnen houden dat naast de ‘algemene’ huurbepalingen (artikelen 7:201 tot en met 7:230 en 7:231 BW) artikel 7:230a BW van toepassing is. Artikel 7:230a BW voorziet niet in huur(prijs)bescherming van de huurder, maar de huurder geniet in beginsel wel ontruimingsbescherming.

Deel deze pagina:

Nog niet beoordeeld

Bijlage(n)

  • Bijlagen zijn alleen beschikbaar voor abonnees.

Artikel informatie

Type
Huur
Auteurs
Sonja van der Kamp
Auteursvermelding
Ik ben auteur van dit artikel
Datum artikel
Uniek Den Hollander publicatienummer
UDH:VgC/11277