Tijdschrift voor Curatoren 2020 nr. 1/2

De gevolgen van de faillietverklaring op gerechtelijke procedures die op het moment van faillietverklaring reeds aanhangig zijn

mr. J.L. van den Heuvel1

Artikel kopen € 79,00 excl. BTW

In plaats van abonneren kunt u dit artikel ook afzonderlijk kopen.

Het komt regelmatig voor dat de gefailleerde ten tijde van het uitspreken van een faillissement verwikkeld is in juridische procedures. In de Faillissementswet, meer specifiek in art. 25 tot en met 29 Fw is geregeld wat de gevolgen zijn van het faillissement op dergelijke procedures. In deze bijdrage zal in het kort uiteen worden gezet wat deze gevolgen precies zijn, met name als het gaat om rechtsvorderingen die voldoening van een verbintenis uit de boedel ten doel hebben. Daarbij zal – mede aan de hand van een recente uitspraak van de Hoge Raad – duidelijk worden dat de vraag of daarvan sprake is niet altijd eenvoudig is te beantwoorden, maar wel van groot belang kan zijn, onder meer voor de schuldenaar.

U heeft op dit moment geen toegang tot de volledige inhoud van dit product. U kunt alleen de inleiding en hoofdstukindeling lezen.

Wanneer u volledige toegang wenst tot alle informatie kunt u zich abonneren of inloggen als abonnee.


Verder in dit artikel:

1. Rechtsvorderingen die voldoening van een verbintenis uit de boedel ten doel hebben

1.1. Procedure aanhangig ten tijde van faillietverklaring: schorsing van rechtswege

1.2. Procedures met meerdere gedaagden

1.3. Procedure die niet louter ziet op voldoening van een verbintenis uit de boedel

1.4. Uitspraak in een procedure kort voor of na datum faillissement

1.5. Insolventieverordening

2. Rechtsvorderingen door en tegen de schuldenaar ingesteld

2.1. Rechtsvorderingen ingesteld door de schuldenaar

2.2. Rechtsvorderingen ingesteld tegen de schuldenaar

2.3. Geen schorsing

3. Recente jurisprudentie van de Hoge Raad over overneming van het geding door de curator van een bij het uitspreken van het faillissement reeds aanhangige procedure

3.1. HR 13 maart 2020, ECLI:NL:HR:2020:416

3.2. HR 6 december 2019, ECLI:NL:HR:2019:1917

4. Conclusie

Deel deze pagina:

Nog niet beoordeeld

Bijlage(n)

  • Bijlagen zijn alleen beschikbaar voor abonnees.

Artikel informatie

Type
Artikel
Auteurs
mr. J.L. van den Heuvel1
Auteursvermelding
Ik ben auteur van dit artikel
Datum artikel
Uniek Den Hollander publicatienummer
UDH:TvCu/16122

Verder in 2020 nr.1/2

 De gevolgen van de faillietverklaring op gerechtelijke procedures die op het moment van faillietverklaring reeds aanhangig zijn

Het komt regelmatig voor dat de gefailleerde ten tijde van het uitspreken van een faillissement verwikkeld is in juridische procedures. In de Faillissementswet, meer specifiek in art. 25 tot en ...

 De terugvorderingsactie op grond van art. 23 Faillissementswet

1. Uitgangspunten van art. 23 Fw De basis van het faillissementsrecht is het fixatiebeginsel: het faillissement omvat het gehele vermogen van de schuldenaar (art. 20 Fw) en de rechtsposities van de...

 Nakoming vorderen van flankerende overeenkomsten1

Op grond van art. 68 FW is de curator belast met het beheer en de vereffening van de failliete boedel. De curator is feitelijk een gerechtelijke bewindvoerder die onder het faillissem...

 Samenwerkingsperikelen - Samenwerkingsverwachtingen en -verplichtingen voor insolventiefunctionarissen en debtors-in possession ingevolge het WHOA-regime en de Herschikte IVO

1. Sinds de kredietcrisis van 2007/2008 is de roep om betere reorganisatiemogelijkheden voor bedrijven steeds groter geworden. En die roep neemt toe vanwege het intreden van de coronacrisis.[1] In...